Babel War

Babel War

Nu Europa met de dreiging van een nakend conflict zwaait om een herbewapening in alle richtingen te rechtvaardigen, schrijft Watson een bijtend stuk, waarin scherpe ironie en oprechte bezorgdheid samengaan. Hij ontmantelt de fantasieën over een verenigd Europees leger en wijst op de absurditeit van de krijgshaftige toespraken van onze leiders.
En wat als we voor vrede kozen in plaats van onze jongeren naar het front te sturen en kolossale middelen in te zetten die elders weggehaald zullen moeten worden?

1. Inleiding

Onze Europese regeringen, met de Europese Commissie op kop, zijn de laatste tijd bevangen door een oorlogszuchtige obsessie en verspreiden als een lopend vuurtje het idee dat onze landen in groot gevaar verkeren en dat de Russen (jawel, alweer zij) ons binnenkort dreigen binnen te vallen. In hun ernstige stemmen hoorden we al de rupsbanden van de tanks vrouwen en kinderen verpletteren op ons bebloede platteland.

Vandaar de dwingende noodzaak om een flink deel van ons zuurverdiende (en zwaar belaste) geld te besteden aan de ontwikkeling van een oorlogsmachine die deze bloeddorstige indringers kan weerstaan, en dat in alle haast (terwijl we weten dat we tien jaar nodig zouden hebben om de verloren tijd in te halen). De lang verwaarloosde productie van tanks, vliegtuigen, wapens, kruisers en allerlei onderzeeërs moest zo snel mogelijk worden hervat, op straffe van een onvoorwaardelijke capitulatie. En natuurlijk de drones niet te vergeten, aangezien die kleine snuffelaars onmisbaar zijn geworden voor elke vlot uitgevoerde aanval.

Dit alles in de context van een oorlog „ouderwets natuurlijk”: „lucht/land/zee”, waarin jonge mensen hun leven geven, met de glimlach en het gevoel hun plicht te hebben gedaan, in de modder en het bloed van de loopgraven.

Een kernoorlog is zelfs niet denkbaar, dat begrijpt u wel: één, twee, drie, piano en het is voorbij… Voor iedereen, ook voor onze dierbare leiders, die zich op dat moment niet in de huid zouden kunnen wurmen van kleine Churchills van de koopjestafel om, met de blik in de verte, lange oorlogszuchtige toespraken te houden voor hun volkje dat op de rand van de hongersnood staat en geen Netflix meer heeft. Nee, dat gaat niet! Zij moeten overleven om na de apocalyps de wereld weer op te bouwen! Dat is hun grote lotsbestemming!

Kortom, laten we de kernoorlog schrappen.

Vervolgens, na deze herindustrialisering die volledig gericht is op bewapening en dus op materieel, zijn er wel armen nodig om het aanvalsgeweer ter hand te nemen en op de slechterik aan de overkant te schieten… En zo nauwkeurig mogelijk, anders bent u de smeerlap aan de overkant.

De beroepslegers die vandaag ons bolwerk vormen en ons vermogen om in het buitenland te interveniëren, tellen niet genoeg manschappen om een machtige indringer over een immens front tegen te houden. We zullen dus een beroep moeten doen op de goede oude dienstplicht: „Neem dienst, neem opnieuw dienst. Kom sterven voor uw vaderland… Eh ja, datzelfde dat u uitmelkt als koeien, tegen u liegt en u er niet veel voor teruggeeft… Ja, ja… Precies datgene… Allééé jongens, offer jezelf nu maar op…”

Wat zullen de wervingssergeanten in hemelsnaam zeggen om jongeren van alle slag uit te nodigen hun leven te geven? De belofte dat Tik‑Tok en Instagram snel terugkomen? Ik lach deze jonge generatie niet uit, integendeel: ze heeft wel iets beters te doen dan te sterven voor de ijdele glorie van paranoïde, narcistische en egocentrische leiders, die het tijdens de vredesperiode niet klaargespeeld hebben om hun een grote toekomst en mooie projecten te bieden…

We zullen dus een volle mand boerenkinkels nodig hebben om dit dierbare vaderland vrijwel gratis kanonnenvlees te bezorgen. Hup, drie maanden opleiding en laat je maar doorzeven met kogels en granaatscherven op de bodem van een godvergeten gat… Om enkele meters te winnen van een verwoeste grond waar niets meer groeit en waar alle leven al verdwenen is. Dat is de echte lotsbestemming die men uw zonen, uw dochters, uw broers, uw zussen, uw vrienden zal bieden… Oorlog, kortom.

2. Waar niemand over spreekt

In elk geval voor zover ik weet… En toch springt het mij letterlijk in het oog: het probleem van de talen!

Alle nationale legers spreken hun moedertaal: niets normaler… Dus alles is eenvoudig: de bevelen, de onderliggende bedoelingen, de berichten…

Voor zover ik weet is Europa nog geen natie (en misschien wordt het dat nooit). Het is een caleidoscoop van 27 landen die 24 vaak zeer verschillende talen spreken!

En men wil er ÉÉN enkel leger van maken. Hoe gaat dat communiceren?

Het is duidelijk dat beroepslegers vlot Engels gebruiken, niet gekozen omwille van het aantal moedertaalsprekers, maar omdat de NAVO is wat ze is, geleid door de Amerikanen, en omdat het materieel, en dus de handleidingen en andere instructies/programmeringen, opgesteld zijn in die taal die universeel is geworden… Een soort Esperanto zonder de filosofie ervan. En in elk geval gesproken door de officieren tot en met de onderofficieren (althans in principe).

Daardoor stellen operaties in strikte kaders, waarbij elke natie een welbepaalde rol te spelen heeft, geen grote problemen. We zijn onder „pro’s”, nietwaar!

Maar denk aan een ouderwetse oorlog, op het terrein, waar duizenden kerels  samen een aanval, een veldslag of zelfs een terugtocht uitvoeren… Duizenden jongeren van alle achtergronden, culturen en niveaus zullen zich moeten coördineren, elkaar steunen, elkaar beschermen, hun vel redden?

Stel dat ze na drie maanden opleiding allemaal een basis Engels hebben verworven (waarom trouwens Engels in dit geval: alleen de Ieren zijn nog moedertaalsprekers)… Dat wil ik nog wel aannemen. Een eenvoudige basis, dus jongeren  die niet in staat zijn een ietsje ingewikkelder bevel te begrijpen of te interpreteren! Eerste probleem.

Stel vervolgens nog eens (ik heb het gevoel dat ik in de vleermuissketch van Jean‑Marie Bigard beland ben) dat ze allemaal in staat zijn het Engels vrij goed te begrijpen… Dan blijft het probleem van de accenten!!!

Stel u even de hel van een gevecht voor: de kogels fluiten, de granaten vallen, de vliegtuigen scheren laag over en ontketenen hun raketten en machinegeweren, de drones zoemen van alle kanten, u zit onder de modder, u bent banger dan ooit tevoren, uw maat ligt naast u met zijn ingewanden eruit te schreeuwen… En via een krakende radio geeft een Poolse kapitein u een bevel, aan u, Italiaanse boerenkinkel uit een gat in het zuiden, met zijn zware Slavische accent… Denkt u dat alles in dit lawaai, in deze hel, duidelijk zal zijn? En uw antwoord met uw Italiaanse accent aan die Pool die u nog nooit hebt gezien, denkt u dat hij het zal begrijpen? Hetzelfde kan men zeggen van een Zweed en een Portugees, van een Fransman en een Kroaat enz…

Stel u even de bloedbaden voor die in het verschiet liggen! Op alle niveaus en zonder reden!

Herinnering aan 14‑18 (u weet wel, de „allerlaatste oorlog”, waarvan de belofte maar 22 jaar standhield): sommige Vlamingen verwijten de huidige Franstaligen nog altijd dat ze meer Vlaamse doden in de loopgraven hebben veroorzaakt, omdat de bevelen in het Frans werden gegeven door overwegend Franstalige officieren en de Vlamingen ze niet begrepen. Eén voorbeeld onder vele. Want ik ben er niet zeker van dat in dezelfde periode een zeer „british” officier begrepen werd door de Schotse boerenkinkel in het lawaai en de pijnkreten van het slagveld. Gelukkig bestond het fluitje al…

Sommigen zullen mij wijzen op de huidige middelen, de simultaanvertaling, de artificiële intelligentie die dat allemaal zal oplossen… Ja, in een salon, rustig tussen twee tv-series, maar in de hel van de strijd moet alles onmiddellijk gebeuren, telt elke seconde, en zelfs met simultaanvertaling zal dat niet werken. Daar ben ik zeker van. En dan blijft hoe dan ook het onmiddellijk begrijpen van een instructie in een taal die met een zwaar accent wordt gesproken, die de digitale vertaler verkeerd dreigt te interpreteren! Om nog maar te zwijgen van de toestand van de netwerken!

Wat de taakverdeling betreft, zoals die wordt toegepast bij interventies van beroepssoldaten waarbij de functies per land worden verdeeld: de enen houden zich vooral bezig met de logistiek, anderen met het transport, nog anderen met de patrouilles enz… Die verdeling, in het kader van een algemeen en wereldwijd conflict, het conflict dat ons wordt aangekondigd en waar ik persoonlijk geen seconde in geloof, die verdeling zal vrijwel onmogelijk zijn, gezien de immensiteit en de complexiteit van zo’n front.

Dus, voor mij lijkt de fantasie van een doeltreffend Europees leger in het kader van een hard en frontaal conflict even ver van de realiteit als de kernoorlog die bijna alle leven op de planeet zou vernietigen… Des te beter voor de mieren en de schorpioenen: zij zullen het niet slechter kunnen doen dan wij.

Dit alles wordt opgezet alleen maar om ons bang te maken. Alleen maar om de huid te redden van incompetente politici die niet in staat zijn hun naties te besturen. Alleen maar voor de hoogmoed van een geblondeerde Walkure en haar trawanten… Nee, dank u. Vooral omdat, geloof me, hun kinderen, echtgenoten, zussen, broers en vrienden veilig weggestopt zullen zitten en vrijgesteld zullen zijn van het offer voor een onbestaand vaderland.

3. Enige oplossing: DE VREDE.

Laten we, in plaats van mee te lopen in deze geprogrammeerde absurditeit, in opstand komen, opstaan en samen alle nodige druk zetten om NEE te zeggen: nee tegen de oorlog, nee tegen nutteloze offers, nee tegen de dood. De middelen bestaan: stoppen met het betalen van onze belastingen, weigeren te stemmen of ons te onderwerpen aan onzinnige regelgeving… Aangezien petities en betogingen niets uithalen. Wie dat nog niet heeft vastgesteld, beklaag ik.

Laten we ons verenigen om weerstand te bieden aan die oorlogshitsers die zelfs nog nooit een waterpistool in handen hebben gehad en die denken dat ze in een videogame zitten waarvan zij de helden zijn. Laten we van hen eisen dat ze vreedzame oplossingen vinden, dat ze eindelijk de waardigheid en de kracht hebben om zich met intelligentie, visie en eerlijkheid in de wereld te laten gelden.

Genoeg van de achterkamerspelletjes, van de spelletjes tussen vijanden. We betalen hen elke maand heel duur om doeltreffend te zijn en ons welzijn te verzekeren, niet om de helft van de jeugd de dood in te sturen!

De drukmiddelen bestaan als ze intelligent zijn en als iedereen meespeelt, niet zoals de laatste tijd, toen alles „in het geniep” doorging en particuliere belangen voorgingen op een rechtvaardige sanctie die wel werd afgekondigd maar nooit toegepast.

Wat is er geworden van de diplomatie, de akkoorden, de redelijke schikkingen? Ver weg van die clowneske capriolen die ons meer op de knieën hebben gebracht dan onze tegenstanders (voor zover die bestaan – we zijn nog niet aangevallen, zeg ik maar). Waar zijn onze duistere krachten die ons in staat zouden stellen een krachtige informaticastrijd te voeren met hackers van hoog niveau die onze vijanden zouden doen beven zonder een druppel bloed te vergieten? Ach ja, dat vergat ik, die zijn allemaal naar het buitenland gevlucht om te ontsnappen aan onze belachelijke regelgeving en aan microscopische lonen die wel ad libitum belast worden!

Kortom, als we NU niet in beweging komen en ons niet verzetten tegen die verborgen interne krachten die ons willen opofferen voor hun eigen winst en overleving, wel, dan zullen onze jongeren omkomen in de hel van een strijd die hoe dan ook vroeg of laat zal eindigen rond een tafel, in de gedempte rust van de kringen die niets hebben verloren.

Ons zullen alleen de tranen blijven, een getraumatiseerde jeugd en een verwoeste wereld…

Maak uw keuze.

                                                                

Watson, 22 maart 2025


De in dit opiniestuk geuite meningen vallen uitsluitend onder de verantwoordelijkheid van de auteur en vertegenwoordigen niet noodzakelijk die van BAM!

Chapô door BAM!

                

Delen
We zoeken versterking

BAM! heeft handen nodig.

Redactie, vertaling, videomontage, sociale media, nalezen, evenementen. Vrijwillig, zoals wij allemaal.

← Terug naar home